Programma Gehoorzame Hond 3

1. Volgen.(min +/-)
De gewandelt met zijn hond zowel aangelijnd als los een door de instructeur te bepalen volgparcours van circa 90 meter. Tijdens het parcours worden in ieder geval de volgende handelingen worden zowel aangelijnd als los verricht; links, rechts, rechtsomkeert, linksomkeert en halt houden. De hond zit altijd recht naast de geleider, zowel bij de start als bij het halt houden. Het voergebruik en belonen wordt dusdanig afgebouwd dat er voor het volgen nog maar 1 maal beloond wordt, namelijk aan het eind van het volgparcours. Belonen met de stem is wel toegestaan. Het is niet toegestaan dat de hond achter het voertje/hand aan loopt.

2. Slalom.(min +/-)
Volgen met aandacht. Slalom om de combinaties die in een rij staan. De honden staan op een afstand van 3 meter van elkaar. De geleider in de rij zorgt dat hij aandacht van de hond heeft. De lopende combinatie wandelt met aandacht (volg).

3. Begroeten.
Twee combinaties lopen naar elkaar toe en houden halt op ongeveer 3 meter van elkaar. De honden krijgen het commando zit en blijf. De geleider stappen 1 à 2 stappen naar voren en geven elkaar de hand. Na de begroeting gaan geleider en hond rechtsomkeert, zonder aan de riem te trekken, terug naar de uitgangspositie.

4. Zit & Blijf.(min +/-)
Het tot zit brengen van de hond dient te gebeuren zonder de hond aan te raken. De hond zit naast de geleider. De geleider doet 1 à 2 stappen zijwaarts en loopt vervolgens een cirkel om zijn hond. Stapt daarna naar voren, tot 10 meter afstand, en blijft 1 minuut op deze afstand staan. Op teken van de keurmeester gaat de geleider terug naar de hond en eindigt in de uitgangspositie, rechts naast de hond.

5. Af & Blijf.(min =/-)
Het tot af brengen van de hond dient te gebeuren zonder de hond aan te raken. De hond gaat af naast de geleider. De geleider doet 1 à 2 stappen zijwaarts en loopt vervolgens een cirkel om zijn hond. Stapt daarna naar voren, tot 10 meter afstand, en blijft 1 minuut op deze afstand staan. Op teken van de keurmeester gaat de geleider terug rechts naast de hond staan en geeft het commando zit.

6. Sta & Blijf & Betasten.
Dit mag vanuit de zitpositie worden uitgevoerd. Het tot staan brengen van de hond dient te gebeuren zonder de hond aan te raken. De hond staat naast de geleider. De hond dient te blijven staan terwijl hij door instructeur betast wordt aan de oren, rug, staart en poten. Voor eigen veiligheid vraagt de instructeur altijd of de hond betrouwbaar is.

7. Zit vanuit Af.
De geleider brengt de hond vanuit de af in de zit met het stemcommando en een minimaal handgebaar.

8. Voedsel negeren.
Het kan van cruciaal belang zijn dat de hond goed op het “nee” van de geleider reageert, wanneer de hond van straat wil eten. Er wordt vlees op de grond gelegd, de plaats van het vlees mag worden gemarkeerd, met bijv. een pion. De combinatie loopt tijdens de oefening “volgen” op een afstand van maximaal ½ meter langs het vlees met de hond aan de zijde waar het vlees is neergelegd. De hond moet het vlees negeren. De geleider mag d.m.v. aandacht vragen of praten, de hond langs het vlees manoeuvreren. De geleider moet de hond elke keer het “nee” commando (stemcorrectie) geven, om te voorkomen dat de hond van het vlees eet. Bij voorkeur gebeurt de hele oefening zonder spanning op de lijn.

9. Apporteren.
De hond is los, de geleider mag de hond opjutten met het apport. Het apport moet een apporteerblok of een dummy zijn. De hond moet in positie naast de geleider zitten en mag aan de halsband worden vastgehouden. De geleider gooit het apport op 10 meter weg. De hond krijg het commando apport en pakt het apport op. Het vast-commando mag hierbij worden gebruikt. De hond biedt het apport zittend aan voor de geleider en laat het (op commando) los in de hand.

10. Komen op bevel.
Twee geleiders geven hun hond een zit en blijf, zij verlaten de hond op een afstand van minimaal 5 meter. De honden worden geroepen met het commando “Hier” terwijl de overige combinaties rondlopen met aandacht voor de geleider. Er mag nog steeds gebruik worden gemaakt van de twee brokken methode. Pas op de riem en de musketonhaak! Zorg dat de geleider de riem goed opbergt of op de grond legt met de voet erop (om te voorkomen dat de hond de riem oppakt en ermee wegrent). Het moet voor de cursist duidelijk zijn wat het verschil is tussen “komen op bevel” en “voorkomen”.

11. Voorkomen.
Voorkomen wordt nu in combinatie met het vak geoefend.

12. Voet.
De hond kan op commando zich dusdanig positioneren dat hij links naast de geleider komt te zitten, met zijn neus in dezelfde richting als zijn geleider. Bij het commando voet, dient de hond rechts langs de geleider achter de benen langs te lopen om vervolgens aan de linkerkant van de geleider te gaan zitten. Het commando Voet dient gedurende de cursus steeds gebruikt te worden; tijdens het wachten aan de zijlijn, bij de start van een oefening en voorafgaande aan het volgen. Gedurende de cursus dient de handhulp te worden afgebouwd.

13. Naast.
De hond kan op commando zich dusdanig positioneren dat hij links naast de geleider komt te zitten, met zijn neus in dezelfde richting als zijn geleider. Bij het commando Naast, maakt de hond een rondje links, schuin-achter de geleider om in de zit positie naast de geleider uit te komen. Het commando Naast dient gedurende de cursus steeds gebruikt te worden; tijdens het wachten aan de zijlijn, bij de start van een oefening en voorafgaande aan het volgen. Gedurende de cursus dient de handhulp te worden afgebouwd.

14. Vak.(min +/-)
De oefening vak-sturen bestaat uit twee onderdelen. Het eerste onderdeel bestaat uit de hond in het vak te leggen (af en blijf). De geleider loopt op een rechte lijn 10 meter van het vak af, draait zich om en roept de hond voor. Nadat de hond is voorgekomen, vraagt de geleider een naast of voet en vandaar uit begint het tweede gedeelte van de oefening. Bij het tweede gedeelte stuurt de geleider de hond terug naar het vak. Hierbij mag gebruikt gemaakt worden van een leeg beloningsbakje. Voor veel honden is het rennen naar het vak het leukste van de oefening en kan een afstand van 15 meter gehandhaafd worden. De minimale afstand van waaraf gewerkt moet worden is 10 meter. Als de afstand na het eerste gedeelte kleiner gemaakt moet worden, gebeurt dit door middel van volgen. Het vak is drie bij drie meter en wordt op de hoeken gemarkeerd met pionnen. Zichtbare lijnen (lint, tape of kalklijnen) verbinden de pionnen. De kleur van de pionnen en het lint moeten contrasterend zijn t.o.v. de ondergrond. Het gebruik van de riem als markeringsmiddel is niet (meer) toegestaan. De oefening wordt in de GGB / FCI Obedience beginners vervolgd, waarbij het bakje wordt weggetraind en hond in het vierkant moet gaan liggen, zonder dat daar de riem ligt.
Bij het tweede gedeelte van de oefening dient de hond op commando (vak/plaats) voor uit te lopen op de geleider, naar een (uiteindelijk leeg) bakje, waarna hij aldaar op commando gaat liggen (af). De geleider blijft staan op het start punt en voegt zich bij de hond als deze is gaan liggen. Indien een extra commando gegeven moet worden om de hond tot staan te brengen in dit vak, is dit ook toegestaan (bijv. wacht, sta, of zit). De hond ligt bij voorkeur recht in het vak, met zijn gezicht richting de geleider. Nadat de geleider terug is gelopen, en in positie is gaan staan naast de hond, wordt een zit gevraagd aan de hond. De hond mag beloond worden en vervolgens wordt het vak verlaten d.m.v. een commando volg. De hond blijft volgen tot de geleider terug is op de uitgangspositie.

15. Gedrag van de hond.(min +/-)
Het gedrag van de hond mag niet hinderlijk zijn. Zowel niet te sociaal als asociaal gedrag. Een hond die bijt of die probeert te bijten wordt gediskwalificeerd. De geleider dient te allen tijde op zijn hond te letten. Ook tijdens het wachten en luisteren naar de instructies moet de geleider op zijn hond letten. De hond dient bij de geleider te blijven zitten, liggen of staan. De geleider let op dat de hond geen of minimaal contact maakt met andere honden. Fixeren moet door de geleider doorbroken worden door de aandacht te vragen en afstand te nemen van de andere hond. De hond mag andere honden niet uitdagen tot spel, als dit wel gebeurt, dient de geleider de hond bij zich te roepen en op andere wijze bezig te houden. De hond mag niet graven in het veld. De hond mag niet steeds opspringen tegen de geleider. De hond mag niet voortdurend blaffen. Een hond die zich snel verveelt moet door de geleider bezig gehouden worden. De geleider mag zijn hond oefeningen laten doen op de plek (zit, af, sta, touch, blijf, plaats (met matje), twist, voet, naast, poot). De geleider mag ook een stukje gaan lopen of even spelen met de hond, MITS dit op veilige manier kan en de andere cursisten niet stoort. De instructeur dient de geleider hier gedurende de cursus steeds op attent te maken.

16. Gedrag van de geleider.(min +/-)
Ruw gedrag van de geleider leidt tot diskwalificatie. Indien zich tijdens de toets een onveilige situatie voordoet terwijl de geleider dit had kunnen voorkomen (bijvoorbeeld een hond die tijdens een oefening losschiet), geeft dit een onvoldoende (-).

Beloningswoord.
Het beloningswoord is een hulpmiddel om het gewenste gedrag van je hond te bevestigen. Het beloningswoord is een woord dat je verder niet gebruikt in de normale spreektaal of communicatie na je hond, zoals YES, Super of SI. Het beloningswoord moet aangeleerd worden aan de hond: de geleider roept vrolijk YES en geeft de hond direct het brokje. Herhaal dit meerdere keren tot de hond het begrijpt. Na het beloningswoord wordt de hond altijd beloond met een brokje. Timing is belangrijk, het beloningswoord moet binnen 0.4 sec gegeven worden waarna het brokje zo snel mogelijk volgt. Het beloningswoord wordt vooral gebruikt bij het aanleren van nieuwe oefeningen en kan afgebouwd worden zoals ook het koekje kan worden afgebouwd.

Ophefcommando.
Het ophefcommando wordt aangeleerd aan de cursist (vrij). Dit commando dient om de hond te laten weten dat de opdracht is afgelopen en hij niet langer onder appel staat. Het commando wordt rustig en beheerst gegeven. Met name voor de blijf oefeningen en het volgen is het ophefcommando van belang. Het kan echter bij meer oefeningen gebruikt worden.

Delen via:
Share this page via Facebook Share this page via Twitter

Comments are closed.